Terug naar overzicht

Bouwmateriaal geteeld op eigen bodem

Hoe Fryslân het voortouw neemt in circulair en biobased bouwen

Wie door Friesland rijdt, ziet het misschien niet meteen. Toch gebeurt hier iets wat internationaal de aandacht trekt: de regio is de meest circulaire van Europa en geldt wereldwijd als koploper in de circulaire (bouw)transitie. Wat maakt de Friese aanpak zo effectief? En wat is er nodig om circulair en biobased bouwen op te schalen en écht de norm te maken? We gingen in gesprek met drie van de hoofdrolspelers.

Op het World Circular Economy Forum in São Paulo scoorde Friesland 10,6% op de circulariteitsmeter. Een hoger percentage dan het Nederlandse (9,8%) en wereldwijde (6,9%) gemiddelde. Bewijs dat de Friese aanpak werkt, vinden Joris Rommerts van Vereniging Circulair Friesland, bouwer Siebe Baints van ECOhûs Fryslân en wethouder Hein de Haan van gemeente Leeuwarden.

Beweging gestart vanuit de markt

Waarom lukt hier wat elders stroef verloopt? Volgens Rommerts, projectleider wet- en regelgeving van Vereniging Circulair Friesland, is het antwoord eenvoudig: ‘Het begon hier niet bij overheidsbeleid, maar bij bedrijven. Tien jaar geleden spraken zij de ambitie uit om de meest circulaire regio van Europa te worden. En vervolgens zijn we het gewoon gaan dóén.’ Die beweging van onderop is inmiddels uitgegroeid tot een vereniging van 185 leden, bestaande uit mkb’s en álle Friese overheden, kennis- en onderwijsinstellingen. Samen vormen ze een ecosysteem dat werkt aan een van Europa’s meest onderscheidende circulaire agenda’s. Eén van de doelstellingen: circulair en biobased bouwen als de nieuwe norm.

Friezen onder elkaar

“Het helpt dat we als regio doen, Friezen onder elkaar,” zegt Rommerts. “Je weet wie je kunt bellen en niemand vindt het gek om even bij elkaar in de keuken te kijken. Dat verlaagt de drempel om mee te doen.” Typisch Fries, als je het Baints vraagt: “Nuchter, nieuwsgierig en bereid om het anders te doen als dat beter is.” Zijn bedrijf bouwt uitsluitend met ecologische houtskeletwoningen, prefab en geproduceerd vanuit een digitaal bouwsysteem. “We begonnen negen jaar geleden, nu telt ons team 47 man. En het mooiste is: veel opdrachtgevers komen vanzelf bij ons uit. Als ze eenmaal in zo’n biobased woning staan, voelen ze zelf hoe comfortabel en gezond het aanvoelt.”

Lokale biobased ketens

Dat biobased bouwen in Friesland goed gaat, komt volgens De Haan, wethouder in Leeuwarden en VNG-woordvoerder op bouwregelgeving, doordat de regio precies groot genoeg is om impact te maken en overzichtelijk genoeg om goed samen te werken. “We hebben hier alles wat nodig is: boeren die vezelgewassen willen telen, bouwers die willen vernieuwen, onderwijs dat meedenkt en overheden die durven.”

Die bereidheid om over schaduwen heen te stappen, leverde de afgelopen jaren complete biobased ketens op. Zo sloten leden van Vereniging Circulair Friesland in 2024 de Fryske Vezelhennepdeal, waarin werd afgesproken om minstens 1.000 woningen te isoleren met lokaal geproduceerde vezelhennep. Door deze afnamegarantie ontstond er genoeg langetermijnperspectief voor boeren om over te gaan op vezelhennep als alternatief verdienmodel. Bovendien zorgt het volume dat een nieuwe vezelhennepisolatiefabriek kan worden gestart.

De vezelhennepdeal is maar één van de resultaten van het Friese bouwprogramma. Steeds meer bouwers stappen over naar prefab biobased bouw. Zo kunnen ze betaalbaar, sneller en schoner bouwen. Dat levert gezondheidswinst én Co2-opslag op. En zelfs de stikstofuitstoot daalt hierdoor drastisch. ‘Biobased bouwen raakt meerdere opgaven tegelijkertijd’, vertelt Rommerts enthousiast. ‘Het zou de logische standaard moeten zijn.’

Kloof tussen beleid en praktijk

Terwijl Friesland met volle kracht vooruit wil, blijft het nationale beleid achter. Rommerts, Baints en De Haan merken hoe de huidige wet- en regelgeving vooral werkt voor de traditionele bouwsector, en regelmatig haaks staat op de biobased bouwwijze. Ook hebben bouwers te maken met oneerlijke rekenmodellen zoals BENG en MPG. Baints: ‘Dat systeem aan modellen waardeert biobased materialen minder gunstig dan bijvoorbeeld steenwol of beton, omdat CO2-opslag in biobased materialen niet of nauwelijks wordt meegerekend. Ook worden dure installaties voorgeschreven, terwijl goede biobased woningen vaak veel minder techniek nodig hebben.’

Om deze knelpunten zichtbaar te maken brengt Vereniging Circulair Friesland koplopers uit de hele keten samen om beleidsaanbevelingen te formuleren voor het Rijk en de EU. Rommerts: ‘Het voelt soms alsof we iets doen wat bewezen beter is, maar dat volgens de regels niet mag. Dat klopt niet.’ Baints herkent dat: ‘De bouwmaterialen in onze woningen slaan CO2 op. Dat moet terugkomen in de rekenmodellen die daarvoor bedoeld zijn. Op dit moment is steenwol volgens de berekening duurzamer. Dat kan niet de bedoeling zijn’ Ook vanuit opdrachtgeverschap ziet De Haan hoe regels schuren met de ambitieuze praktijk. Minister Keijzer besloot op de Woontop in 2024 tot landelijke harmonisering van aanbestedingscriteria. Logisch, zegt de Friese wethouder, maar het leidt nu tot een plafond op circulariteit. ‘Je moet gemeenten niet afremmen in ambitie. Daag de markt uit om te laten zien wat er kan. Ik zou landelijke beleidsmakers willen uitnodigen: schrijf het volgende Bouwbesluit niet in een Haagse vergaderkamer, maar in een biobased woning hier in Friesland. Kijk wat werkt, en bouw dáár de regels omheen.’

Innoveren en opschalen

Uiteindelijk is dit misschien wel de kern van het Friese succes: het vertrouwen om samen te zoeken, te leren en bij te sturen. “We moeten het niet zien als iets ingewikkelds,” zegt Rommerts. “Het werkt al. Het is niet duurder. Het enige wat nodig is, is dat het mag.” De Haan sluit zich daarbij aan: “Als je wilt dat de sector innoveert, moet je soms gewoon verplichten wat we allemaal, en zeker ook de ondernemers willen: gezonde, circulaire en biobased woningen. Dat is geen toekomstverhaal. Dat is wat we vandaag al bouwen.”

Over Vereniging Circulair Friesland

Vereniging Circulair Friesland werkt via 17 actiegerichte programma’s aan de omschakeling naar een circulaire economie. Het bouwprogramma stimuleert regionaal zowel circulaire vraag als aanbod, door ketenontwikkeling en een gezamenlijke opdrachtgeversaanpak. Samenwerking met onderwijsinstellingen, een gezamenlijke taal en aanbevelingen voor wet en regelgeving versnellen de opschaling hiervan. Bij de vereniging zijn ondernemers, overheden, onderwijs en kennisinstellingen aangesloten.

Foto: Ecologische, energiezuinige, dampopen prefab woningen gebouwd door ECOhûs Fryslân aan de Hellingshaven in Grou. Foto: Daan de Schiffart

Terug naar overzicht