Buitendienst Bolsward

Wethouder Henk de Boer: “Wij geven met dit gebouw zelf het goede voorbeeld”

Tekst Radboud Droog, in opdracht van Friesland Bouwt en Ontwikkelt

Het hoogste punt is bereikt. Wie over de rondweg Bolsward rijdt, kan er niet meer omheen: hier verrijst het nieuwe onderkomen van de buitendienst van gemeente Súdwest-Fryslân. Straks verhuizen de locaties in Bolsward, Heeg en Sneek naar deze centrale plek. Maar het gebouw is meer dan een nieuw dak boven het hoofd van de buitendienst. Het is in één keer visitekaartje, proeflaboratorium én lesmateriaal voor circulair bouwen.

Centrale plek voor de mienskip

De buitendienst is de stille motor achter het dagelijkse gemak van ruim 40.000 huishoudens, 5.000 bedrijven en talloze bezoekers. Afval ophalen, straten vegen, gladheidsbestrijding, groenonderhoud, sportvelden speelklaar maken: het gebeurt vaak ’s ochtends vroeg of als iedereen al binnen zit.

“Dan mag je ook goede huisvesting organiseren”, zegt wethouder Henk de Boer. “Met dit gebouw in Bolsward bundelen we krachten op een plek die logistiek centraal ligt in de gemeente én een impuls geeft aan dit gebied.”

De raad kreeg al vroeg een kijkje achter de schermen. “Een van mijn eerste acties als wethouder in 2022 was: de raad meenemen naar de oude situatie,” vertelt De Boer. “Toen konden we heel concreet laten zien dat hier een enorme kans lag. De raad was eigenlijk direct enthousiast. Dít is de plek waar we naartoe moeten.”

Ambities in plaats van bestek

Die keuze voor Bolsward was het begin. Minstens zo bepalend was de manier wááróp de gemeente ging bouwen. Geen dichtgetimmerd bestek, maar een uitnodiging aan de markt om mee te denken.

Projectleider Richard Teppema (links) van gemeente Súdwest-Fryslân, sinds 2019 bij het project betrokken: “We hadden één helder uitgangspunt: we willen zo circulair en toekomstbestendig mogelijk bouwen. Maar we wisten nog niet precies hoe en met wélke materialen we dat moesten doen. Dus hebben we geen lijstje met producten voorgeschreven, maar ambities op thema’s zoals hergebruik, losmaakbaarheid, water en hitte (klimaatadaptatie), biodiversiteit en energie.”

Die ruimte is cruciaal, zegt Tjebbe de Jong (rechts), ontwikkelaar en tendermanager bij Bouwgroep Dijkstra Draisma. “Wij kunnen als bouwer wel allerlei duurzaamheidsambities hebben, maar als er een traditioneel bestek ligt – ‘dit zijn de tekeningen, zo moet je het maken’ – dan houdt het snel op. Hier zei de opdrachtgever: dit is de lat, help ons om ’m te halen. Dat vraagt lef van een gemeente. Maar alleen met zulke opdrachtgevers kom je écht verder in circulair bouwen.”

De aanpak deed denken aan eerdere projecten. “We hebben het Swettehûs in Leeuwarden gebouwd, ook met een sterke circulaire ambitie,” zegt De Jong. “Die kennis en aanpak hebben we hier neergelegd. Tegelijkertijd gaat dit project in Bolsward op sommige fronten nog een stap verder.”

Heel Friesland in één gebouw

Dat zie je terug in de materialen. De Jong: “Het kantoor wordt zoveel mogelijk gemaakt van biobased materialen. De hoofdstructuur bestaat uit een gelamineerde houtconstructie. De vloeren zijn gemaakt van hergebruikte houten balken. Het is een behoorlijke uitdaging om voldoende houten balken te vinden. De grote luifels aan de uiteinden van het hoofdgebouw worden gedragen door hergebruikte basralocus palen. Een product dat we bij het Swettehûs voor het eerst hebben toegepast. Ook passen we in het project hergebruikt kanaalplaatvloeren toe.

Ook nieuwe betonnen onderdelen zijn zo duurzaam mogelijk gemaakt. “Voor de fundering gebruiken we Reduxx-beton,” legt hij uit. “Dat bestaat voor de helft uit hergebruikt zand en voor een deel uit grind en steen uit gesloopte woningen in de Leeuwarder wijk Heechterp. Zo haal je de materiaalstromen uit de regio terug in dit gebouw.”

Zelfs tijdelijke materialen krijgen een tweede leven. De Jong: “Zoals de houten platen die bij eerdere bouwprojecten als bekisting zijn gebruikt. En de houten vloerplaten van het WK Wallball in Leeuwarden, waar eerder dit jaar nog op is gespeeld, worden straks wandafwerking in de werkplaats.” Friesland komt letterlijk in dit gebouw samen.

Binnen gaat het net zo door. De isolatie is deels van gerecycled EPS; snijafval gaat terug naar de leverancier om opnieuw tot platen te worden verwerkt. De gevels van het kantoor zijn geïsoleerd met een biobased isolatiemateriaal. Voor de werkplaats worden hergebruikte sandwichpanelen toegepast.  Het akoestische isolatiemateriaal tussen de houten is gemaakt van oude spijkerbroeken en blijft in het zicht. “We wilden als gemeente 3.000 jeans inzamelen,” zegt De Boer. Een bijzonder symbool: onder anderen ambtenaren en werknemers van Dijkstra Draisma leverden hun oude en versleten broek in en zien hem later terug in het gebouw waar hun straten, plantsoenen en sportvelden worden aangestuurd.

Buitenruimte als grondstoffenbank

“We hergebruiken stelconplaten, betonklinkers, keerwanden, hekken en schuifpoorten. Meer dan de helft van alle verhardingsmaterialen krijgt hier een tweede leven”, zegt Teppema. Dat vraagt planning, vult De Jong aan. “We wisten al ruim van tevoren dat dit terrein bestraat moest worden. Dan ga je kijken: welke projecten lopen er binnen de gemeente, welke mutaties zijn er in de openbare ruimte, waar komen klinkers vrij? Je wilt grote, min of meer homogene partijen, anders kun je er geen fatsoenlijke verharding van maken. Die puzzel leggen we samen met gemeente en sloop- en infrabedrijven.”

De Boer: “Het is precies wat we als gemeente willen uitstralen. Beschouw je bestaande omgeving als grondstoffenbank. Wij moeten zelf het goede voorbeeld geven, anders kun je inwoners niet vragen om na te denken over wat ze weggooien en wat nog een tweede leven kan krijgen.”

Leren en bijsturen

“We maken hier stap voor stap de slag naar elektrificatie van het wagenpark,” zegt Teppema. “Niet alles in één keer, maar gefaseerd, zodat we kunnen leren en bijsturen.” Het nieuwe gebouw krijgt een groot aantal zonnepanelen op de overkappingen en er komt een eigen batterij. “We gaan energie opslaan en op rustige momenten onze voertuigen, gecontroleerd, laden.”

Daarbij speelt ook netcongestie een rol. “De gemeente krijgt voorlopig geen zwaardere aansluiting,” vertelt De Jong. “Dus ontwerpen we een systeem waarin we met de bestaande aansluiting, zonnepanelen, accu en zo nodig wat hulpstroom tóch volledig elektrisch kunnen draaien.”

Water wordt eveneens slim benut. Het regenwater van het terrein gaat niet rechtstreeks het riool in, maar wordt opgevangen in het retentiedak, in buffertanks onder maaiveld en in RVS-tanks in de vorstvrije stalling. Deze RVS-tanks zijn afkomstig van Fritom, uit de gemeente Súdwest-Fryslân, en zijn zeer geschikt voor het opvangen van regenwater voor de wasstraat. Met dat water worden straks de voertuigen gewassen.

Delen en opschalen

Het project is door Vereniging Circulair Friesland aangewezen als een goed voorbeeld binnen de programmalijn Opdrachtgeversaanpak. Niet toevallig, zegt Teppema: “Hier zie je wat er gebeurt als een opdrachtgever ambities formuleert en vervolgens de keten uitnodigt om daar invulling aan te geven. Architect, gemeente en aannemer hebben samen een speelveld gemaakt waarin je continu kunt zoeken: kan het nog slimmer, nog duurzamer, zonder dat de kosten uit de pas lopen?”

Die zoektocht gebeurt niet achter gesloten deuren. Studenten van bouwkundige opleidingen werken met het project, lopen rond op de bouw en krijgen gastcolleges. “We zeggen tegen die studenten: maak zélf materiaalkeuzes en bedenk oplossingen,” vertelt De Jong. „Daarna laten we zien welke keuzes wij hebben gemaakt en waarom. Soms komen zij weer met iets nieuws dat wij nog niet kenden. Dat is precies de wisselwerking die je nodig hebt, want zij zijn de bouwers van morgen.”

In maart 2026, tijdens de Week van de Circulaire Economie, gaan de hekken open voor publiek en collega-gemeenten. Een open dag die Bouwgroep Dijkstra Draisma samen met de gemeente organiseert. De Boer: “Dan is het hier nog niet af, maar juist in maart kun je nog zien hoe het gebouwd wordt, hoe de materialen zijn toegepast en welke keuzes er onder de huid zitten.” Komt dat dus zien! De regio is alvast uitgenodigd.