De coalitie kiest duidelijk voor inzet van de economie voor twee doeleinden: toekomstbestendig verdienvermogen en onafhankelijkheid van niet-democratische landen. Daarmee lijkt de deur open te staan voor de circulaire economie. Of dat ook uit de details van het coalitieakkoord blijkt zoeken we in dit artikel uit.
Een focus op regionale innovatieclusters, een 3%-norm voor innovatie-investeringen, een nieuwe infrastructuur voor levenslang-ontwikkelen, een ‘Nationaal Agentschap voor Disruptieve Innovatie’, en de ‘rentmeestervennootschap’ (steward ownership) als nieuwe rechtsvorm. De minderheidscoalitie van D66, VVD en CDA lijkt in hun akkoord te beseffen dat er grote kansen liggen voor een toekomstbestendige economie.
Op verschillende plekken staat dat slim omgaan met grondstoffen bijdraagt aan onafhankelijkheid van ondemocratische regimes. Én er wordt innovatiebeleid aangekondigd, gericht op innovaties die koolstof (broeikasgassen) juist opnemen in plaats van uitstoten. Op die manier kan economische activiteit juist bijdragen aan het oplossen van klimaatverandering. Iets wat de coalitie ‘groene groei’ noemt en goed past binnen de economische koers van de Europese Unie.
“We zorgen dat Nederland zijn sterke positie in de schone maakindustrie verder uitbouwt, met kansen voor circulaire bouwmaterialen, groene chemie, biobased plastics, waterstof en de maritieme sector.”
Bron: coalitieakkoord pagina 30
Zo wil de coalitie ervoor zorgen dat onze economie ook in de toekomst goed draait. Tussen de regels door zou je kunnen lezen dat de coalitie inziet dat de Europese economie significant verandert. En dat het goed is voor Nederland wanneer de technologieën die daarvoor nodig zijn juist hier ontwikkeld worden.
Specifiek worden de sectoren circulaire bouwmaterialen, groene chemie, biobased plastics, water en maritiem genoemd. Sectoren waarvan Noord-Nederlandse bedrijven tot de Europese kopgroep behoren.
De regio: hét schaalniveau waar de toekomst-economie wordt gemaakt
Dat rijmt goed met het volgende inzicht van de coalitie waar we blij mee zijn. De regio als hét schaalniveau waar de toekomstbestendige economie wordt gemaakt. In lijn met onze oproep voor het coalitieakkoord van 18 december 2025, is de coalitie namelijk voornemens om tijdens aankomende kabinetsperiode €100 miljoen per jaar te “investeren […] in regionale innovatieclusters, deelname aan Europese innovatieprogramma’s en publiek-private innovatieprogramma’s.”
Europese innovatieprogramma’s vormen vaak een belangrijke pilaar in de bekostiging van toekomstgerichte economische ontwikkelingen. En waar Brussels geld voorheen direct op Noord-Nederlands niveau werd toegekend, zal dat vanaf 2028 waarschijnlijk via het Rijk verlopen. Daardoor ontstaat het risico dat Europees geld anders terecht gaat komen en onder invloed staat van vluchtige politieke keuzes. Daarom blijven we oproepen om Europese gelden met de juiste verdeelsleutel via regionale clusters te investeren. Op dat schaalniveau kan geld het meest effectief in kansrijke initiatieven worden besteed.
Vraag naar circulaire producten als achilleshiel
Er wordt duidelijk gekozen voor economiebeleid gericht op het aangaan van maatschappelijke uitdagingen. Zo wordt er nieuw strategisch industriebeleid aangekondigd, €5 miljard aan Groeifondsmiddelen worden ingezet om innovaties uit de ontwikkelfase te laten doorgroeien, wetenschappelijke kennis moet worden omgezet in economische waarde (valorisatie) en er komt meer juridische experimenteerruimte. Allen zijn welkome maatregelen.
“We werken toe naar een volledig circulaire economie in 2050. Dit doen we mede in het belang van strategische grondstoffen. We versterken het Nationaal Programma Circulaire Economie en stellen – bij voorkeur Europese – (sectorale) circulaire doelen. Zo stimuleren we innovatie en marktontwikkeling, versterken we de concurrentiepositie van Europese en Nederlandse ondernemers en bieden we bedrijven langetermijnzekerheid en investeringsruimte.”
Bron: coalitieakkoord, pagina 25
Circulaire producten en businessmodellen bewijzen dat ze haalbaar zijn en Friese bedrijven lopen voorop in deze sectoren. Alleen kan opschaling pas echt plaatsvinden wanneer de concurrentie met niet-circulaire producten eerlijk is. Zo worden bij niet-circulaire producten de verborgen kosten niet betaald, zijn er grote schaalvoordelen, en is beleid nog altijd in het voordeel van de gevestigde economie. Daardoor blijft de vraag naar circulaire producten achter, en is opschaling lastig.
Om ervoor te zorgen dat de investeringen van het nieuwe Kabinet ook echt leiden tot een toekomstbestendige economie, moet er ruimte gemaakt worden voor circulaire producten. Deze dynamiek, van het tegelijk opbouwen als afbouwen van systemen volgt ook uit de X-curve (bron: DRIFT). Het model laat zien dat transities altijd twee bewegingen omvatten: afbouw van ongewenste systemen en opbouw van het nieuwe. Waar het afbouwen van financiële prikkels voor fossiele brandstoffen expliciet in het akkoord staat vermeld, blijft een duidelijke keuze uit om niet-circulaire (fossiele en lineaire) producten af te bouwen.

Daarmee zijn veel van de aangekondigde maatregelen welkom, maar kunnen we ze eerder zien als flankerend dan fundamenteel. Ja, het helpt circulair ondernemerschap. Echter is het afbouwen van ongewenste economische activiteit minstens zo belangrijk als het stimuleren van gewenste economische activiteit.
Circulaire kansen alom
Het coalitieakkoord biedt ook genoeg specifieke aanknopingspunten. Zo past Vereniging Circulair Friesland precies in de regionale ecosysteem benadering, die wordt voorgesteld om onze internationale positie in circulaire bouwmaterialen, biobased plastics, en de maritieme sector verder uit te bouwen. De Rijksoverheid zet zich in om zelf bij te dragen door inkoopkracht in te zetten voor circulaire producten, en als ‘launching customer’ voor nieuwe innovaties.
Ook het bouwhoofdstuk biedt kansen
Als je een broeikasgas-negatieve economie wil bereiken, tegelijkertijd met een grote infra-opgave, meer optoppen en splitsen en je meer conceptwoningbouw wil realiseren, vraagt dat om duidelijke keuzes. Dan kan het bijna niet anders dan dat bouwbeleid vol wordt ingezet op circulair en biobased bouwen en dat er afscheid genomen wordt van traditionele methoden. Eerder deelden we al beleidsaanbevelingen om biobased en circulaire bouw écht het nieuwe normaal te maken en hier blijven wij op inzetten.

Ook voor de beschikbaarheid van drinkwater is enige aandacht
Er wordt verwezen naar het Actieprogramma beschikbaarheid drinkwaterbronnen, waarin vooral naar drinkwaterwinning wordt gekeken, maar niet naar drinkwaterverbruik. Naar het Nationaal Plan van Aanpak Drinkwaterbesparing, waar wel hergebruik van water als oplossing wordt genoemd, wordt niet verwezen. In onze oproep voor het coalitieakkoord legden we uit dat waterbesparende maatregelen in nieuwbouw en renovatie noodzakelijk zijn. Enkel op die manier kunnen reductiedoelstellingen worden gehaald. Zo wordt voorkomen dat een gebrek aan wateraansluitingen de volgende netcongestie wordt.
Ten slotte is het goed dat de coalitie meer juridische ruimte voor experimenten in de landbouw beschikbaar wil stellen
Doorbraakinnovaties, nieuwe verdienmodellen en sociale innovatie kunnen via gedoogconstructies en vergunningverlening worden getest in ‘FieldLabs’. Dit soort mogelijkheden zijn belangrijk voor het Friese programma Sluiten van Nutriëntkringlopen (SNuK), waarin nieuwe gesloten nutriëntkringlopen, zoals het toepassen van mensenmest, bermmaaisel en gft afval in de landbouw, worden ontwikkeld.

Het onderwerp circulaire economie wordt geregeld op het Ministerie van Infrastructuur & Waterstaat. In onze oproep voor het coalitieakkoord lieten we zien dat er in meer sectoren kansen liggen. Daarom ondersteunen we de oproep van de Nederlandse Vereniging Circulaire Economie, om bij de vorming van het Kabinet een coördinerend Minister voor Circulaire Economie te installeren. En ook om fors extra te investeren in de circulaire economie, om alle economische circulaire kansen te verzilveren.
Minderheidskabinet
Een belangrijke kanttekening bij dit coalitieakkoord is dat er voor de plannen niet per se een meerderheid is. Bij vorige coalitieakkoorden waren we gewend dat de plannen die in het akkoord stonden automatisch een meerderheid hadden in de Tweede Kamer. Het akkoord was een deal waar de coalitie, en daarmee automatisch de meerderheid het over eens was.
De partijen die het over de plannen in dit coalitieakkoord eens zijn hebben samen 66 van de 150 zetels. Voor elk van de concrete maatregelen moet daarom met andere partijen worden afgesproken of ze het eens zijn of niet. D66, VVD en CDA kunnen we daarom zien als het motorblok van de Tweede Kamer dat de koers aangeeft, maar die de koers alleen kan uitrollen als ook andere partijen het ermee eens zijn.
Het coalitieakkoord: belofte of doorbraak?
Vergeleken met de vorige politieke periode, zet dit coalitieakkoord een nieuwe en positieve toon op het gebied van toekomstgericht ondernemen. De coalitie beseft zich dat circulair ondernemen bijdraagt aan de onafhankelijkheid van niet-democratische regimes en aan economisch succes in een veranderend Europa. Daarmee wordt circulair ondernemen onderdeel van strategisch economiebeleid.
Echter blijven keuzes voor afbouw van ongewenste activiteiten uit, waardoor toepassen van circulaire producten te vrijblijvend is. Zo wordt opschaling van circulaire businessmodellen tegengewerkt, en blijft concurrentie oneerlijk.
Voor de uitvoering van het akkoord wordt specifiek gekeken naar regionale innovatie-ecosystemen. Fryslân neemt die uitgestoken hand van de coalitie aan als vooroplopende circulaire regio. Daarvoor zijn voldoende aanknopingspunten in het akkoord die direct aansluiten op de projecten en programma’s van Circulair Friesland en haar leden.
Op die manier laten we zien dat circulaire economie niet alleen een complex beleidsdossier is, maar vooral een bloeiende economie van ondernemers met hart voor de toekomst van onze Friese regio. Met dat succes tonen we aan dat het tijd is om écht te kiezen voor de overgang naar de economie van de toekomst. Voor die fundamentele keuze is breed draagvlak, en ondernemers tonen dagelijks aan dat het haalbaar is.
Terug naar overzicht